De Luister-en-Vertel-Tournee

16.1.07

Schrijversblues in Amerika

Maandag 10 oktober 2005, dag 29 van De Luister-en-Vertel-Tournee in Amerika

Memphis, Tennessee

Hij is niet in New Orleans. Toch brengt de stem en de trompet van Louis Armstrong hem een beetje in de sferen van die Jazz-stad aan de monding van de Mississippi. De stad die de Big Easy wordt genoemd, omdat de mensen er zo gemakkelijk leefden. Dat was voor de zondvloed die Katrina heet de stad overspoelde. Vandaag de dag is het leven in New Orleans niet zo gemakkelijk meer.

Vandaag is zijn eerste dag in Memphis. De blues-stad aan de Mississippi. De stad ook van Elvis. Gisteravond laat met de auto aangekomen bij de First Congregational Church, de kerk waar hij de komende week slaapt. Het is vlakbij de Christian Brothers University. Daar begint vrijdag de Gandhi-conferentie over geweldloosheid.

Vandaag is ook de eerste dag van de vijfde week van zijn tocht door Amerika. Maar dat is eigenlijk irrelevant. Soms is het beter niet te tellen.

Vandaag is Columbus-dag in Amerika. Vandaag wordt de eerste dag herdacht dat blanke mensen dit continent betraden. Inmiddels weten we beter; het was niet de eerste en het was niet in Amerika. Dat maakt de landing van Columbus historisch gezien niet minder belangrijk. Al wist die Italiaanse zeeman in Spaanse dienst in 1492 nog niet wat voor gevolgen zijn tocht zou hebben. Hij dacht zelf aan de andere kant van de wereld te zijn. En daarom heten de indianen in het Engels precies zoals de inwoners van India. Het enige dat hij van Columbus-dag merkt is dat het postkantoor is gesloten.

En vandaag is het 10-10. Maar dat is alleen voor insiders interessant.

Hij zit in de Starbucks op de hoek van Union Avenue en McLean Boulevard, de boulevard die ze gisteren niet konden vinden. Het schrijven lukt voor geen meter. Niet dat hij niets te melden heeft. Oh nee, alleen al de autorit van gisteren levert genoeg stof en inspiratie op. Negen uur deden ze erover om van Tahlequah in Oklahoma hun bestemming in Memphis, Tennessee te bereiken. Eigenlijk is het maar zes tot acht uur rijden, maar dat is via Interstate 40.

Het landelijk netwerk van snelwegen in de VS is net zo aangelegd en genummerd als de meeste straten in de steden: simpel en rechttoerechtaan. De even nummers lopen west-oost en de oneven zuid-noord. De belangrijkse wegen hebben een tien- of een vijftalnummer. Het tellen begint linksonder op de kaart van het land. Interstate 10 loopt dus van Los Angeles paralel aan de Mexicaanse grens naar Jacksonville in Florida. Van de Pacific naar de Atlantic. Interstate 90 loopt van Seattle in de linkerbovenhoek langs de grens met Canada naar Boston. ook van kust tot kust dus. Voor wie liever op en neer denkt; Interstate 5 brengt de automobilist van San Diego aan de Mexicaanse grens langs de kustlijn met de Grote Oceaan naar Bellington aan de Canadese grens, net even ten noorden van Seattle. En Interstate 95 loopt vanuit Miami, het meest zuidoostelijke puntje van het vasteland van de VS, via de grote steden aan de oostkust naar Houlton op de grens met Canada, ruim boven Boston. Een simpel systeem, waarschijnlijk bedacht achter de tekentafel in de studeerkamer. Helder en overzichtelijk. Kom daar maar eens om in Nederland. De A1 en A2, die weet iedereen nog wel te vinden. Maar wie weet waar de A3 is?

I-40 loopt dus van west naar oost. Ze begint in Californie, noordoostelijk van Los Angeles, en gaat via staten als Arizona, New Mexico, een klein stukje Texas, Oklahoma, Arkansas en Tennessee naar North Carolina. Tussen Oklahoma City en Little Rock snijdt ze onder Tahlequah langs. Ze houdt op bij een stadje aan de Atlantische Oceaan dat Wilmington heet. Niet ver van Cape Fear. De titel van een thriller met Nick Nolte en Robert de Niro. Onderweg steden als Memphis en Nashville.

Je kunt de loop van al die snelwegen natuurlijk ook omgekeerd zien. In plaats van van links naar rechts en van onder naar boven van rechts naar links en van boven naar beneden. In werkelijkheid namelijk is de aarde rond en is er dus geen rechts of links. Geen boven of onder. Er is evenveel voor te zeggen om linksboven te beginnen, of rechtsonder. Net zoals het er niet zoveel toedoet of je nu linksboven begint te schrijven of rechtsonder. Hoewel? Linkshandige mensen weten hoe moeilijk het is met een vulpen zonder vlekken van links naar rechts te schrijven. Konden ze maar omgekeerd schrijven. Maar zelfs dan is het niet altijd gemakkelijk vlekkeloos Nederlands te schrijven. Dat heeft niets met links of rechts te maken. Het maakt dan zelfs niet uit of je met vulpen, balpen of potlood schrijft. Of met een toetsenbord tikt.

Om 1 uur 's middags vertrokken ze. Na de zondagsmis in de Unitarian Universalist Church, waar Thea predikant is. Ze besloten het eerste stuk niet via de snelweg te rijden, maar door de Ozark Mountains in Arkansas. Anders dan de naam doet vermoeden zijn het heuvels. Net zoals de Grebbeberg en de Vaalserberg geen bergen zijn. Geeft toch een andere betekenis aan de uitdrukking 'bergen werk verzetten'. Wat voor de een een berg is, is voor een ander een heuvel. En omgekeerd. Zo kwam het dat ze pas rond vijf uur bij Little Rock waren, ook al is dat maar een uur of twee rijden van Tahlequah. En ook al waren ze rond een uur of acht in Memphis, toch parkeerden ze pas om tien uur bij de First Congregational Church. Verkeerd gereden ondanks de duidelijke routebeschrijving.

B.B. Kings 'When Love comes to Town' klinkt door het cafe van de Coffeecompany, waarvan het hoofdkantoor is gevestigd in Seattle. Kijk, dat hoort meer bij Memphis. B.B. Kings Place is in Beale Street, weet hij. In de muzikale hoofdstraat van Memphis. Misschien wel de blues-hoofdstraat van Amerika. Luisterend naar de tekst wordt hij besprongen door jaloezie. Jaloezie op het talent van wie ook maar de woorden heeft gecomponeerd.

When Love comes to town, I'm gonna jump that train
When Love comes to town, I'm gonna catch that plane

Briljant. Om jaloers op te worden.

Schrijven is soms net hard werken. Soms? Nee, eigenlijk meestal. Meestal is het een zich voortslepende zoektocht naar de juiste woorden voor de gedachten en ideeen in zijn hoofd. Een voortdurend zoeken naar een juiste ordening van woorden in zinnen. Van zinnen in een leesbaar verhaal. Soms komt het als vanzelf. Soms, heel soms schieten de woorden en zinnen hem als vanzelf te binnen. Maar meestal niet. Meestal is het net hard werken. Niet echt natuurlijk. Net alsof. Je moet heuvels niet met bergen verwisselen.

Meestal zijn de woorden en zinnen als een langzaam voortkabbelend beekje. Romantisch misschien door de vreemde omgeving. En misschien ook wel amusant omdat het van ver weg komt. Maar zelden een thriller. Meer dertien-in-een-dozijn-verhalen.

Het schrijven lukt vandaag voor geen meter. Aanleiding genoeg, dat wel. Louis Armstrong, zijn trompet en de verdwenen jazz in New Orleans. B.B. Kings 'When Love comes to Town' en blues in Amerika. Een zondagse autorit. De metafoor van verdwaald raken ondanks een goede routebeschrijving. Hoeveel mensen raken niet de weg kwijt terwijl ze toch heel goed weten hoe te moeten rijden? De metafoor ook van weer op het goede pad komen. Door het gewoon te vragen. Door zonder angst op mensen af te stappen die in ieder geval ter plaatse de weg weten. Zonder angst, ook al zijn het vreemde mensen. De gesprekken met Thea over de films die ze de afgelopen week hebben gezien. 'Smoke Signals' en 'The Education of Little Tree'. Zoals de titels al doen vermoeden indianenfilms, maar dan vanuit de indiaan gezien, en niet vanuit de cowboy. Tahlequah is de hoofdstad van de Cherokee Nation, dat verklaart een boel. Maar ook een dertien-in-een-dozijn film met Cameron Diaz en Christina Apllegate en nog zo'n babe waarvan hij de naam is vergeten. 'Sweet Nothings' heet het, of 'Nothing so Sweet' of zoiets. Niets bijzonders, zelfs een beetje flauw, en toch best aardig.

Ondanks die honderdduizend inspirerende momenten geen fatsoenlijk woord op papier krijgen. Soms is schrijven net hard werken. Moeizaam gestuntel.

Hij drinkt zijn mok hot chocolat leeg, zet zijn hoed op en verlaat de Starbucks. Via Union Avenue loopt hij naar downtown. Naar Beale Street. Hij koopt kaarten en t-shirts en kijkt een beetje rond in het hartje van Memphis.

Bij het FedExForum ontmoet hij Vincent, die hem om kleingeld vraagt voor een sandwich. Hij geeft hem het muntgeld in zijn broekzak. Ongeveer een dollar, schat hij. Nee, hij geeft geen geld voor een maaltijd. Maar morgen gaat hij naar het Civil Rights Museum in het Lorraine Motel. Waar Dr. Martin Luther King in 1968 is doodgeschoten. Als Vincent daar morgen naar toe komt, dan wil hij best samen gaan eten. Hij tracteert dan. Maar vandaag niet.

Hij loopt terug naar Cooper Street, naar de First Congregational Church. 's Avonds kijkt hij naar de schermlessen van Chris in de kerk.

Een gewone doordeweekse maandag. Zomaar een tiende oktober.

ton

3 brutale vragen:

1.
Wel eens van rechts naar links gelezen? Of zomaar de wereld op zijn kop bekeken? Probeer het eens voor 10 seconden.

2.
Misschien kent u wel iemand, die van blues houdt. Stuur het dan door. Maar alleen als u denkt hem er een plezier mee te doen. Anders niet.

3.
Misschien, heel misschien vond u deze schrijvers-blues wel een euro waard. Ook al is het maar een dertien-in-en-dozijn-verhaal. Als dat zo is, maak het over naar rekeningnummer 1689.67.456 t.n.v. Stichting Luister-en-Vertel-Tournee te Oisterwijk. Zo niet, doe het dan niet. Bewaar het dan voor later. Voor als u zelf de blues hebt.